© fuji.tim

Verstappen koppelt F1-toekomst aan 2027-motorplan

Max Verstappen heeft in Montreal zijn toekomst in de Formule 1 nadrukkelijker dan ooit gekoppeld aan de geplande motorwijzigingen voor 2027: als de sport werkelijk opschuift van de huidige bijna 50/50-verdeling naar ongeveer 60/40 in het voordeel van de verbrandingsmotor, wordt de kans volgens hem “absoluut” groter dat hij doorgaat.

De Red Bull-coureur sprak donderdag op de mediadag voor de Grand Prix van Canada voor het eerst uitgebreid over het voorstel dat de FIA na Miami naar voren schoof. Verstappen noemde die richting “absoluut de goede kant op” en “het minimale waar ik op hoopte”. Op de vraag of dat zijn kansen vergroot om volgend jaar in de Formule 1 te rijden, antwoordde hij: “Ja, absoluut. Ik wil gewoon een goed product in de Formule 1 en dit zal het product zeker verbeteren.”

Daarmee legde Verstappen opnieuw de nadruk op zijn grootste bezwaar tegen de nieuwe generatie power units. Hij was de felste criticus van de 2026-regels, juist omdat de bijna gelijke verdeling tussen verbrandingskracht en elektrische energie volgens hem leidt tot onnatuurlijk rijgedrag, met te veel nadruk op batterijen laden en energiemanagement. Na de Grand Prix van Japan in maart trok hij daarom serieus zijn directe toekomst in de sport in twijfel, omdat hij te weinig plezier haalde uit hoe de auto’s onder deze regels gereden moeten worden.

In Canada maakte hij duidelijk dat de voorgestelde aanpassing voor hem wezenlijk verschil maakt. “Het zal het product beter maken, dus dat betekent dat ik blijer ben en dat is wat ik wil om in de Formule 1 door te kunnen gaan,” zei Verstappen. Hij voegde eraan toe dat de sport met deze stap volgens hem “bijna weer terug naar normaal” gaat.

De technische richting is inmiddels helder, maar nog niet definitief vastgelegd. Na overleg na de Grand Prix van Miami sprak de FIA van een principeakkoord over verdere ingrepen voor 2027. Het plan is om de brandstofdoorstroming te verhogen en het vermogen van de MGU-K in de kwalificatie met ongeveer 50 kW te verlagen, zodat de balans verschuift naar circa 60 procent verbrandingsmotor en 40 procent elektrisch. Juist op die details moeten teams en fabrikanten nog wel volledig instemmen.

Dat maakt de politieke strijd rond het dossier nog altijd relevant. Fabrikanten die veel tijd en geld in het oorspronkelijke concept hebben gestoken, hebben ook een sportief belang om niet te ver terug te gaan van de huidige opzet. Verstappen onderkende dat zelf ook: “Daarom moeten we afwachten tot het volledig bevestigd is. Maar dat moet absoluut gaan gebeuren.”

Carlos Sainz, Williams-coureur en directeur van de GPDA, schaarde zich donderdag achter dezelfde richting en noemde het voorstel precies wat de Formule 1 moet doen. Tegelijk waarschuwde hij dat er “politiek” en uiteenlopende belangen van de verschillende fabrikanten zullen meespelen.

Daarmee ligt Verstappens boodschap nu vrij open op tafel: de sport heeft met het 2027-plan een route gekozen die volgens hem de Formule 1 weer aantrekkelijker maakt om in te rijden, maar pas als die koers ook echt wordt bekrachtigd, verdwijnt de belangrijkste onzekerheid rond zijn toekomst.