© Jonathan Borba

McLaren slaat toe, Verstappen worstelt in Barcelona

Lando Norris sloot vrijdag in Barcelona als snelste af met een 1.15,426 in de tweede vrije training, voor George Russell op 0,009 seconde en Oscar Piastri op 0,057, terwijl Max Verstappen op het circuit dat hij zelf als graadmeter voor Red Bull had bestempeld niet verder kwam dan de zesde tijd op 0,895 seconde.

Daarmee kreeg de dag een duidelijke richting. Mercedes opende nog het sterkst met Russells snelste tijd van 1.16,363 in de eerste training, maar in de middag nam McLaren het initiatief over. Norris, Russell en Piastri zaten in FP2 binnen 57 duizendsten van elkaar, met Charles Leclerc daarachter als vierde. Op een baan vol snelle bochten, waar teams traditioneel goed kunnen vergelijken hoe competitief hun auto echt is, zag McLaren er plots veel sterker uit dan een week eerder in Monaco.

Juist daarom woog de vrijdag zwaarder voor Red Bull. Verstappen had donderdag al aangegeven dat Barcelona een belangrijke test zou worden, omdat de voorbije races vooral op circuits met veel langzame bochten werden verreden. "De afgelopen races reden we vooral op circuits met veel langzame bochten", zei de Red Bull-coureur. "Daarom is dit een belangrijke graadmeter voor ons, omdat hier juist veel snelle bochten zijn. Tot nu toe zijn we dit jaar niet bijzonder sterk geweest op dit soort circuits. Hopelijk zijn we hier competitiever."

Die hoop kreeg op vrijdag weinig steun van de data. Verstappen opende FP2 nog als snelste met 1.16,452, maar werd al snel voorbijgestoken en zakte uiteindelijk terug naar de zesde plaats met 1.16,321. Ook over een ronde bleef het gevoel in de RB22 onrustig. In de eerste training klaagde hij al via de boordradio: "Het ene moment heb ik onderstuur, dan heb ik weer overstuur. Het is afschuwelijk."

Dat probleem verdween later op de dag niet. In zijn long runs bleef Verstappen zoeken naar grip en balans, en ook zijn banden voelden volgens hem afschuwelijk aan. Dat maakte de achterstand extra relevant, omdat de omstandigheden in Barcelona zwaar waren: de luchttemperatuur lag rond de 29 à 30 graden en het asfalt warmde op tot ongeveer 49 à 50 graden. In die hitte kwam bandenslijtage meteen centraal te staan.

Russell hield Mercedes ondertussen wel vooraan, eerst met de snelste tijd in FP1 en daarna met de tweede plaats in FP2, maar de echte verschuiving zat in de stap van McLaren op het hogesnelheidscircuit. Norris zette de toon over één ronde en Piastri zat daar nauwelijks achter, wat erop wijst dat McLaren niet alleen op tragere banen mee kan doen.

Voor Red Bull blijft er daardoor werk over. Verstappen werd vierde in FP1 en zesde in FP2, terwijl McLaren en Mercedes op vrijdag de maat sloegen op een baan die juist duidelijk moest maken waar iedereen echt staat richting kwalificatie en race.