© Jonathan Borba

McLaren dringt aan op einde F1-B-teamstructuren

McLaren heeft de strijd over meervoudig teambezit in de Formule 1 verder opgevoerd, met Andrea Stella die in Montréal openlijk stelde dat het kampioenschap alleen echt geloofwaardig is als het principe van onafhankelijke constructeurs volledig wordt afgedwongen.

Tijdens de persconferentie voor teambazen op de Grand Prix van Canada schaarde Andrea Stella, teambaas en CEO van McLaren, zich nadrukkelijk achter de brief die Zak Brown aan FIA-president Mohammed Ben Sulayem stuurde. “Wat Zak heeft uitgedrukt, als vertegenwoordiger van de mening en het standpunt van McLaren, maakt deel uit van een proces dat we constructief en gezond wilden laten zijn, maar ook heel duidelijk,” zei Stella. Hij noemde de Formule 1 vervolgens “een kampioenschap tussen onafhankelijke constructeurs” en voegde eraan toe dat “dit principe volledig moet worden afgedwongen”.

Daarmee ging McLaren verder dan algemene kritiek op toekomstige B-teamconstructies. Brown riep de FIA in zijn brief, verstuurd tussen de Grands Prix van Miami en Canada, op om nieuwe vormen van mede-eigendom te verbieden, bestaande samenwerkingen strenger te reguleren en “het proces te starten om de structuren die al bestaan af te bouwen”. Volgens Brown hebben zulke modellen “onbedoelde maar zeer reële gevolgen” voor de sportieve integriteit van de sport.

Stella maakte duidelijk dat McLaren vindt dat het debat nu voorbij de filosofische fase moet komen. Volgens hem is er in de paddock in brede zin wel overeenstemming over het uitgangspunt, maar moet dat nu ook tastbaar worden gemaakt in de manier waarop de regels werken, zodat de eerlijkheid van de competitie en de volledige bedoeling van de technische, sportieve en financiële reglementen echt tot leven komen.

De reactie van Red Bull was minder afwijzend dan de onderliggende spanning doet vermoeden. Laurent Mekies, teambaas en CEO van Red Bull, zei in dezelfde persconferentie dat ook zijn team wil dat “11 teams onafhankelijk op de baan racen” en dat het verdere stappen zou steunen als die nodig blijken. Tegelijk plaatste hij het vraagstuk in een bredere context dan alleen eigendomsstructuren. Volgens Mekies gaat het niet alleen om “kerneigendom of strategische leveringen”, omdat teams in de pitstraat op veel verschillende manieren samenwerken, van motoren tot versnellingsbakken en ophanging. “We voelen dat dat vandaag de dag het geval is,” zei Mekies over onafhankelijk racen.

Alan Permane van Racing Bulls verdedigde vervolgens de huidige werkwijze van het zusterteam. Tegen media waaronder RacingNews365 erkende de Racing Bulls-teambaas dat zijn team voordeel voelt van het deel uitmaken van “de Red Bull-familie”, maar hij omschreef de band met Red Bull Racing als “heel erg een klant-leverancierrelatie”. Racing Bulls neemt volgens hem onder meer ophanging, versnellingsbakken en andere onderdelen af die onder het technisch reglement zijn toegestaan, en volgt die regels “zeer rigoureus”.

Permane stelde zelfs dat zo’n nauwe relatie extra werk oplevert in plaats van een makkelijke competitieve shortcut. Op basis van zijn eerdere ervaring bij het team in Enstone zei hij dat er veel inspanning nodig is om voortdurend te garanderen dat alle scheidingslijnen en reglementaire grenzen worden gerespecteerd. Daarom ziet hij “geen enkel probleem” in de manier waarop Racing Bulls momenteel opereert.

De discussie is daarmee een concreet FIA-bestuursdossier geworden in plaats van een theoretisch debat. McLarens offensief richt zich niet alleen op de bestaande Red Bull-structuur met Red Bull Racing en Racing Bulls, maar ook op mogelijke nieuwe modellen, nu Mercedes interesse heeft in het overnemen van het belang van 24 procent dat Otro Capital in Alpine houdt. Juist daardoor is de vraag hoe onafhankelijk een constructeur in de Formule 1 werkelijk moet zijn ineens een actuele machtsstrijd over de toekomst van het kampioenschap.