De FIA heeft de verwachtingen rond het nieuwe ADUO-systeem voor 2026 getemperd: volgens Single Seater Director Nikolas Tombazis is het geen vorm van balance of performance en geen "magic bullet", terwijl de eerste officiële beoordeling van de motorfabrikanten pas na de Grand Prix van Canada plaatsvindt.
ADUO, voluit Additional Development and Upgrade Opportunities, moet fabrikanten met een achterstand op de beste verbrandingsmotor extra ontwikkelruimte geven binnen de nieuwe motorregels. Tombazis maakte duidelijk dat het systeem niet bedoeld is om prestatieverschillen direct weg te poetsen. "Het is belangrijk om duidelijk te maken dat ADUO geen soort balance of performance-mechanisme is", zei Nikolas Tombazis, FIA Single Seater Director, in uitleg over het systeem. "Een team of fabrikant krijgt niet ineens een hogere brandstofdoorstroming of meer of minder ballast." Hij voegde eraan toe dat een fabrikant nog steeds "de beste motor" moet bouwen om te winnen en noemde ADUO nadrukkelijk "geen magic bullet".
De timing is daarbij veranderd. De eerste monitoringsperiode zou oorspronkelijk eindigen na de Grand Prix van Miami, de zesde race op de oorspronkelijke kalender. Door het wegvallen van Bahrein en Saudi-Arabië is dat moment verschoven. De eerste analyse loopt nu tot en met Canada, en de FIA moet de uitkomst uiterlijk binnen twee weken na de Grand Prix van Canada aan de fabrikanten communiceren.
De beoordeling zelf draait om de zogeheten ICE Performance Index. Die kijkt van 2026 tot en met 2030 naar de prestaties van de verbrandingsmotor en gebruikt daarvoor onder meer motortoerental, input shaft torque en MGU-K-vermogen, gewogen op hun invloed op de rondetijd. De FIA benadrukt daarbij dat deze index niet de volledige performance van de power unit weergeeft, omdat het systeem alleen op de ICE is gericht en dus niet het totale hybridepakket beoordeelt. Een fabrikant komt pas in aanmerking voor ADUO als die index een achterstand van minstens 2 procent op de beste motor laat zien.
Dat maakt de eerste evaluatie in Canada direct relevant, ook al blijven de onderliggende cijfers geheim. Volgens de beschikbare informatie zit Honda momenteel onder de referentie, terwijl Ferrari, Red Bull Powertrains-Ford en Audi eveneens worden beoordeeld voor mogelijke opname in het ADUO-systeem. Juist omdat de FIA de data niet openbaar maakt, blijft tot na Canada onduidelijk welke fabrikanten formeel extra ruimte krijgen.
Die ruimte zit vooral in ontwikkeling en budget, niet in een snelle prestatiesprong op de baan. Fabrikanten met een achterstand van 2 tot 4 procent kunnen tot US$3,0 miljoen extra ontwikkelingsmarge krijgen, plus één extra homologatie-upgrade in het lopende seizoen en één in het volgende seizoen. Naarmate de achterstand groter wordt, loopt ook die financiële verlichting op. Bij een tekort van 10 procent of meer kan dat oplopen tot US$11 miljoen per periode, terwijl fabrikanten in 2026 bovendien tot US$8 miljoen aan cost-cap-ruimte uit toekomstige periodes naar voren mogen halen voor ontwikkelingswerk.
Daarmee is ADUO vooral een vangnet voor motorleveranciers die de nieuwe reglementencyclus zwak beginnen, maar niet de snelle gelijkmaker waar sommigen op hopen. De eerste echte test van dat principe volgt pas zodra de FIA na Canada vastlegt wie extra ontwikkelingsruimte krijgt en wie het met de huidige motor moet zien op te lossen.
© Jonathan Borba