© Buscavientos

Red Bull-Ford zet 2026-motorstaf, rivalen krijgen hulp

De FIA heeft de teams voorlopig laten weten dat Red Bull-Ford de referentie is in de eerste ADUO-beoordeling van de 2026-motoren, waardoor Red Bull zelf geen performance-updates mag doorvoeren en de achtervolgers juist extra ontwikkelkansen krijgen onder het nieuwe concessiesysteem.

Die eerste classificatie is gebaseerd op metingen van de eerste vijf races van het seizoen in Australië, China, Japan, Miami en Canada. Daarbij keek de FIA naar de prestaties van de interne verbrandingsmotor, niet naar het volledige hybride pakket. Juist dat maakt de uitkomst opvallend: in de paddock werd Mercedes breed gezien als de waarschijnlijke maatstaf, maar volgens de voorlopige rangorde staat Red Bull-Ford bovenaan.

De gevolgen zijn direct voelbaar in de ontwikkelruimte voor 2026 en 2027. Mercedes zou ongeveer 2% achter de referentie zitten en daarmee recht hebben op één upgrade in 2026 en nog één in 2027. Ferrari zou rond de 4% achterstand hebben en daardoor in een zwaardere concessiecategorie vallen. Audi zit volgens de berichten in de bandbreedte van 4% tot 6%, terwijl Honda met een achterstand van 6% tot 8% de grootste kloof moet dichten.

Lewis Hamilton, Ferrari-coureur, bevestigde na de Grand Prix van Monaco tegenover Sky Sports F1 dat zijn team van het systeem gaat profiteren, maar temperde meteen de verwachtingen. “Volgens mij kwam gisteren of vandaag het nieuws naar buiten dat Red Bull de krachtigste motor heeft, Mercedes tweede staat en dat wij daarachter zitten,” zei Hamilton. “We hebben nu dus tokens om te proberen te ontwikkelen en het gat te dichten, maar dat is echt een project van acht tot tien maanden. Dat is dus niet iets wat we volgende week zomaar even doen.”

Daarmee onderstreepte Hamilton het belangrijkste spanningsveld van de eerste ADUO-beslissing: de achterstand wordt erkend en er komt hulp, maar die hulp levert geen snelle ommekeer op. Ferrari kan de ruimte gebruiken om terug te slaan, alleen niet op korte termijn.

Bij Honda is dat beeld nog scherper. Shintaro Orihara, chief engineer van Honda Racing, zei dat de fabrikant zijn verbeterplan voor de 2026-power unit nog niet definitief kan vastleggen zolang de formele FIA-uitkomst uitblijft. “Op dit moment wachten we op de beslissing van de FIA,” zei Orihara. “Als we dat resultaat ontvangen, wordt duidelijk wat we moeten verbeteren en krijgen we ook een lijst van de punten die we moeten uitvoeren. Maar op dit moment wachten we nog op die beslissing.”

Orihara maakte ook duidelijk dat een eventuele goedkeuring niet betekent dat er snel een nieuwe specificatie op de auto staat. Volgens hem vergt het traject langdurige ontwikkeling, beginnend met CFD-analyses en tests met een eencilindermotor, gevolgd door evaluatie van de complete V6 en betrouwbaarheidstests die weken duren. Honda is al met de eerste ontwikkelfase begonnen, maar de prioriteit ligt volgens hem vooral aan de kant van de verbrandingsmotor, en specifiek bij de verbranding zelf.

“Er is geen magische oplossing,” zei Orihara. “We blijven de verbrandingsprestaties verbeteren. Er zijn geen wonderen. Prestatieverbetering is het stap voor stap opstapelen van veel kleine verbeteringen.” Op de vraag wanneer een update op de baan zou kunnen verschijnen, antwoordde hij dat dat “waarschijnlijk in de zomer” zal zijn, al kon hij niet zeggen welke zomer precies.

Dat maakt de eerste ADUO-rangorde vooral belangrijk als richtpunt voor de rest van 2026 en 2027. Red Bull-Ford heeft voorlopig de maatstaf gezet op het verbrandingsgedeelte van de power unit, maar juist de fabrikanten daarachter krijgen nu extra ruimte om dat gat te verkleinen. Alleen wijst alles erop dat die inhaalrace maanden zal duren en dat de eerste helft van het seizoen voor Ferrari, Honda, Audi en in mindere mate Mercedes vooral een periode van geduld wordt.