Audi wordt in zijn eerste volledige fabriekseizoen in de Formule 1 geremd door een motorachterstand van meer dan een seconde per ronde, terwijl Gabriel Bortoleto en het team vinden dat het chassis al sterk genoeg is om structureel mee te doen in de middenmoot.
Bortoleto zei tegen PlanetF1.com en andere media dat het tekort "heel duidelijk" is. "Het is ook duidelijk vanuit de ADUO dat we een achterstand hebben op de motor, we verliezen behoorlijk veel per ronde", zei hij. Daarbij verwees hij naar eerdere uitspraken van Mattia Binotto over "meer dan een seconde, afhankelijk van het circuit, per ronde". Bortoleto voegde toe: "Dit is niet overdreven, dit is de waarheid over waar we staan, en het is normaal omdat dit het eerste seizoen van onze motor is."
Die kloof verklaart waarom Audi qua tempo vaak dichter bij de punten zit dan de stand suggereert. Na een opvallend debuut in Australië, waar Bortoleto Q3 haalde en als negende finishte, heeft het team geen punten meer gescoord. Toch eindigde in de zes races daarna telkens een Audi in de buurt: vijf keer werd het P11 voor Bortoleto of Nico Hülkenberg, en in de andere race was P12 het beste resultaat.
De laatste twee weekenden maakten dat patroon extra pijnlijk zichtbaar. In Monaco reed Hülkenberg als negende over de finish, maar na een straf voor een botsing met Carlos Sainz viel hij terug naar P13. In Barcelona leek opnieuw een kans op punten in de maak nadat Hülkenberg zich als negende had gekwalificeerd en achter Liam Lawson reed, tot een steen die door Lawsons auto werd opgeworpen de noodschakelaar van de auto raakte. Hülkenberg noemde het een "one-in-a-million incident", waarna Lawson zelf als achtste finishte.
Allan McNish, die in april de rol van racing director overnam, verwoordde na de race in Barcelona de frustratie binnen het team. "Certainly a bit frustrated after today", zei de Schot op zondag. Hij wees ook terug naar Monaco: "We had another couple of points, but they were taken away with the penalty for Nico, which we think was a very harsh penalty. But the stewards’ decisions are the stewards’ decisions, so you have to accept them."
Tegelijk ziet McNish genoeg signalen dat de basis beter is dan de puntenoogst. "All-in-all, we've got a performance level that is knocking on the door of Q3", zei hij. "And within time, these positive Qualifying performances, and the potential, will turn into results." Volgens hem ligt de nadruk nu op het wegwerken van de resterende zwakke plekken om die kansen ook echt om te zetten.
Intern is er weinig discussie over waar de grootste beperking zit. Binotto heeft al erkend dat de Audi-krachtbron tot ongeveer een seconde per ronde kan kosten. De FIA-indeling rond Additional Development Upgrade Opportunities wijst er bovendien op dat Audi meer dan 4 procent onder de referentiewaarde van de verbrandingsmotor van Red Bull Powertrains zit, wat het team ten minste twee ontwikkelingsmogelijkheden oplevert.
McNish maakte duidelijk dat Audi niet had verwacht dat dit deel van het project eenvoudig zou zijn. "We knew the first season of the power unit was always going to be difficult, building it from ground zero", zei hij. Omdat de hardware gehomologeerd is, zijn de mogelijkheden beperkt, maar volgens hem wordt wel degelijk vooruitgang geboekt in optimalisatie en consistentie ten opzichte van het begin van het seizoen.
Ook Bortoleto benadrukte dat snelle oplossingen onrealistisch zijn. Hij zei dat het "niet eerlijk" is om te verwachten dat Audi die achterstand meteen wegwerkt, omdat ontwikkeling in de Formule 1 tijd vraagt, van productie tot testen en inzet op het circuit. Hij ziet wel een duidelijke middellange- en langetermijnroute voor het project.
Dat bredere perspectief is ook de lijn van Audi-topman Gernot Döllner. Hoewel het team met slechts twee punten negende staat in het constructeurskampioenschap, zei hij in Monaco tegen geselecteerde media, waaronder PlanetF1.com, dat Audi "absolutely on that path" zit richting de doelstelling om in 2030 voor de titel te vechten. Volgens Döllner brengt dit eerste seizoen als volledig zelfstandige constructeur en motorfabrikant "a lot to learn" mee, vooral aan de kant van de aandrijflijn en de operatie. Juist daarin ligt nu de kern van Audi's vroege F1-verhaal: een auto die al dicht genoeg bij de middenmoot zit om kansen te creëren, maar nog niet over de motor beschikt om die ook regelmatig in punten om te zetten.
© Spencer