Fernando Alonso zegt dat Aston Martins nieuwe AMR26B in Hongarije precies bracht wat het team had verwacht, waardoor de aandacht nu verschuift naar Honda en de opgewaardeerde power unit die na een filmdag van 200 kilometer op de Hungaroring in Zandvoort zijn racedebuut moet maken.
Dat Aston Martin slechts als 13e en 14e finishte, vertelde maar een deel van het verhaal. In Boedapest introduceerde het team een B-spec-upgrade met 16 nieuwe onderdelen op de AMR26, Alonso haalde voor het eerst dit seizoen Q2 en zowel hij als Lance Stroll zei na afloop dat de auto hen eindelijk weer in het gevecht met het middenveld had gebracht in plaats van alleen met de achterhoede.
Voor Alonso zat de echte winst in de bevestiging dat de fabriek en de baan eindelijk hetzelfde beeld geven. De Aston Martin-coureur zei na de race: “Wat we in Hongarije zagen, was min of meer zoals verwacht. De correlatie met de simulatie is goed en de prestaties zijn verbeterd.” Hij voegde eraan toe: “Er is een referentiepunt gecreëerd voor waar we in de tweede seizoenshelft aan zullen werken.”
Die bevestiging is voor Aston Martin van groot belang na maanden waarin juist die correlatie een probleem was. De nieuwe auto is volgens Alonso bovendien nog maar net geïntroduceerd en gebaseerd op een ander concept dan voorheen, waardoor er nog ruimte zit in afstelling en optimalisatie. “Het was goed om me weer competitief te voelen,” zei hij. “Vooral aan het begin van de race hadden we het tempo om ongeveer bij het middenveld te blijven.”
Stroll schetste hetzelfde beeld na zijn 13e plaats, zijn beste resultaat van 2026. De Canadees noemde het “de meest hoopgevende upgrade die we in lange, lange tijd hebben gehad, misschien wel in de hele geschiedenis van dit team”. Volgens hem staat Aston Martin nog niet vooraan in het middenveld, maar zit het nu wel in de strijd.
Toch is Hongarije geen definitief antwoord, juist omdat de Hungaroring minder gevoelig is voor motorvermogen. Alonso maakte duidelijk dat de volgende stap nu van Honda moet komen. Met een glimlach zei hij: “Nu ligt de druk bij Honda F1.” Daarbij benadrukte hij wel dat het geen beschuldiging is richting de motorleverancier. “Wij zijn één team. We werken samen, begrijpen elkaars zwakke punten en proberen die te compenseren.” Volgens Alonso helpt Aston Martin intussen ook op gebieden als stabiliteit, energiedeployment en software.
De reden dat Zandvoort nu zo belangrijk wordt, is de geplande nieuwe Honda-specificatie. Die draait eerst zijn eerste rondjes tijdens een filmdag op de Hungaroring, waarna hij in Nederland zijn competitieve debuut moet maken. In de verschillende berichten rond het weekend wordt gerekend op een winst van ongeveer 30 tot 40 pk, al moet vooral blijken hoeveel daarvan zich vertaalt naar rondetijd en topsnelheid op circuits waar vermogen zwaarder telt.
Ook bij Honda wordt die druk erkend. Shintaro Orihara, chief engineer van Honda Racing Corporation, antwoordde eerlijk op de vraag of de chassisstap de verwachtingen aan de motorzijde verhoogt: “Om eerlijk te zijn, ja.” Hij zei dat Aston Martin nu weer terug is in het gevecht met andere teams en dat elke verbetering belangrijk is om de achterstand te verkleinen. “Onze motor zou ons dus rondetijd moeten opleveren,” voegde hij toe.
Alonso kijkt daarom naar Zandvoort als de echte meetlat voor wat deze Hongaarse doorbraak waard is. Aston Martin heeft nu bewijs dat de ontwikkelingsrichting van het chassis werkt. De volgende vraag is of Honda’s motorupgrade dat fundament sterk genoeg maakt om van een bemoedigende stap eindelijk een vaste plaats in het middenveld te maken.
© Liauzh