© Jonathan Borba

FIA activeert ADUO na Canada voor F1 2026-motoren

De FIA heeft bevestigd dat de eerste ADUO-beoordeling direct na de Grand Prix van Canada plaatsvindt, waardoor power-unitfabrikanten die op de ICE-index minstens 2 procent achter de beste motor zitten vanaf de volgende race extra budgetruimte en extra homologatie-updates kunnen inzetten.

Daarmee gaat een van de belangrijkste vangnetten van het nieuwe motorreglement voor 2026 formeel van start. De federatie publiceert uiterlijk binnen twee weken na Canada welke fabrikanten in aanmerking komen, nadat de oorspronkelijke eerste beoordelingsperiode door kalenderwijzigingen in het Midden-Oosten is aangepast. In plaats van races 1 tot en met 6 kijkt de FIA nu naar de eerste vijf grands prix van het seizoen: Australië, China, Japan, Miami en Canada.

ADUO, voluit Additional Development and Upgrade Opportunities, loopt van 2026 tot en met 2030 en is bedoeld voor motorleveranciers die vroeg in de nieuwe reglementencyclus achterop raken. De FIA bepaalt dat via een ICE Performance Index op basis van onder meer koppel, motortoerental, MGU-K-vermogen en een weging voor de invloed van vermogen op de rondetijd. Zodra een fabrikant met zijn verbrandingsmotor minstens 2 procent onder de best presterende ICE zit, komt hij in aanmerking voor extra ruimte binnen de regels.

Die steun is getrapt. Bij een achterstand van 2 tot 4 procent bedraagt de extra cost-capruimte maximaal 3,0 miljoen dollar, plus één extra update in het lopende seizoen en één in het volgende jaar. Vanaf 4 procent achterstand loopt dat op naar twee updates in het lopende seizoen en twee in het daaropvolgende seizoen, terwijl de financiële ruimte stapsgewijs stijgt naar 4,65 miljoen, 6,35 miljoen en 8 miljoen dollar. Bij een achterstand van 10 procent of meer kan dat oplopen tot 11 miljoen dollar per ADUO-periode. Alleen in 2026 mag daar nog eens tot 8 miljoen dollar uit toekomstige periodes vervroegd bij worden ingezet om ontwikkeling te versnellen.

Nikolas Tombazis, FIA-directeur voor eenzitters, maakte daarbij duidelijk dat ADUO niet bedoeld is als kunstmatige prestatiegelijkmaker. “Het is belangrijk om duidelijk te maken dat ADUO geen soort Balance of Performance-mechanisme is”, zei hij. Tombazis omschreef het systeem als “een cost-cap-verlichtingsmechanisme”, en benadrukte dat een fabrikant nog altijd “de beste motor moet bouwen om te winnen”. Volgens hem is het “geen wondermiddel”, maar extra speelruimte om binnen het technische reglement te ontwikkelen.

Die speelruimte is tegelijk strikt afgebakend. ADUO-updates zijn niet cumulatief binnen hetzelfde seizoen en moeten binnen de voorgeschreven vensters worden gebruikt. Laat een fabrikant een toegekende update ongebruikt, dan vervalt die. Ook kunnen motorfabrikanten die na de eerste twee evaluatiemomenten van een seizoen geen ADUO krijgen, later in datzelfde jaar niet alsnog via de derde en laatste beoordelingsfase instappen.

Na Canada volgen in 2026 nog twee evaluatiemomenten, na de weekenden op de Hungaroring en in Mexico-Stad. Daarmee krijgt de FIA een direct instrument om eventuele grote verschillen tussen motorfabrikanten onder de nieuwe power-unitregels al in het eerste jaar van de cyclus bij te sturen, zonder de competitie formeel te nivelleren.