© Spencer

Aston Martin lost vibraties op, maar wacht op snelheid

Fernando Alonso zei na de Grand Prix van Miami dat de vibraties die Aston Martin sinds het begin van het Formule 1-seizoen 2026 teisterden nu “weg” zijn, nadat een in Japan achtergelaten AMR26-chassis en extra Honda-tests in Sakura de doorbraak brachten.

Dat is voor Aston Martin meer dan een klein technisch herstel. Het probleem speelde al sinds de openingsrace in Australië en werd intern als ernstig gezien. Volgens de berichtgeving stelde Adrian Newey zelfs dat Alonso en Lance Stroll door de hevigheid van de trillingen risico liepen op permanente zenuwschade aan hun handen.

De oplossing kwam voort uit ongebruikelijk intensief werk tussen Suzuka en Miami. Aston Martin liet één van zijn raceauto’s in Sakura achter voor dynotests bij Honda, juist om de interactie tussen chassis en power unit in echte configuratie te kunnen analyseren. Mike Krack, Chief Trackside Officer van Aston Martin, zei tegen de media: “We hebben een van de raceauto’s in Sakura achtergelaten voor enkele tests op de dynamometer.” Dat hielp volgens hem om een deel van de problemen te beperken, omdat het team zo beter kon begrijpen hoe de vibraties zich tussen de verschillende systemen verplaatsten.

Honda-tracksidechef Shintaro Orihara maakte duidelijk dat het niet om één simpele ingreep ging. “Het is een combinatie”, zei hij tegen verslaggevers. Volgens Orihara ontstonden de vibraties door de energieoverdracht tussen chassis en power unit, waarna tegenmaatregelen aan beide kanten werden gecombineerd.

In Miami werd vervolgens bevestigd dat de oplossing ook op de baan werkte. Alonso sprak van opluchting nadat de data uit Sakura in raceomstandigheden werden bevestigd. “Weg, ik zou zeggen weg”, zei de Aston Martin-coureur. Hij voegde daaraan toe: “Het was een opluchting om te zien dat de vibraties die we in Sakura maten, op de baan werden bevestigd.” Orihara meldde hetzelfde beeld vanuit Honda: “We hebben bevestigd dat ze goed werken.” Daarbij wees hij erop dat Aston Martin de volledige afstand van zowel de sprint als de grand prix afwerkte zonder grote betrouwbaarheidsproblemen.

Dat betekende nog niet dat de AMR26 ineens competitief was. Aston Martin was in Miami het enige team zonder chassis- of aerodynamische updates. Wel haalden beide auto’s voor het eerst dit seizoen zowel de sprint als de hoofdrace zonder grote problemen. Alonso finishte zondag als vijftiende, Stroll als zeventiende, maar het team staat nog altijd op nul punten.

Juist daarom steunt Alonso de keuze om kleine performance-updates voorlopig uit te stellen. Volgens hem was dat plan al vóór Australië bepaald. “Het heeft geen zin om twee, drie of vier tienden mee naar het circuit te nemen, omdat je dat niet in resultaat kunt omzetten als de auto voor je een seconde sneller is”, zei hij. Daarbij verwees hij ook naar de budgetcap: Aston Martin moet volgens hem een kostenstrategie volgen en niet te vroeg productie opstarten voor winst die de positie op de baan toch niet verandert.

Eerst moet de basis betrouwbaar genoeg zijn om echt te leren, benadrukte Alonso. Zolang het team de problemen niet één voor één begrijpt en oplost, is het lastig vertrouwen te hebben in de volgende prestatestappen. Die volgende fase gaat voorlopig nog niet over pure snelheid. Alonso verwacht dat de komende races zwaar blijven en dat echte performance-upgrades pas na de zomerstop komen.

Voor de korte termijn ziet hij vooral één nieuw aandachtspunt. In Miami was volgens Alonso niet de motor, maar de versnellingsbak het grootste probleem, met vreemd gedrag bij op- en terugschakelen. Daarom noemde hij dat meteen “de nummer één oplossing voor Canada”, een signaal dat Aston Martin het grootste spook van zijn seizoen misschien kwijt is, maar nog lang niet klaar is om het middenveld echt aan te vallen.