© Jonathan Borba

Alonso wacht met stopbesluit door Aston-crisis

Fernando Alonso wil nog altijd niet over stoppen spreken, maar de vraag of hij na 2026 doorgaat hangt steeds nadrukkelijker samen met de diepe technische problemen waarin Aston Martin al vroeg in het seizoen is beland.

De Aston Martin-coureur zei bij de Gran Premio Histórico de Mónaco dat hij nog niet voelt dat het moment van afscheid is gekomen. Alonso wees daarbij op de lengte van zijn loopbaan en op hoe zwaar zo’n beslissing voor hem zou zijn. “Ik hou van wat ik doe, ik hou van racen”, zei hij. “Ik reed mijn eerste race toen ik drie jaar oud was en nu ben ik 44, dus ik breng al 41 jaar van mijn leven achter het stuur door.” Over een mogelijk afscheid was hij duidelijker: “Voor nu voel ik niet dat dat moment is gekomen. Ik voel me competitief, ik voel me gemotiveerd. Ik ben gelukkig als ik rijd. Ik hoop dat dit niet mijn laatste seizoen is.”

Die houding contrasteert scherp met de start van Aston Martin in 2026. Volgens de beschikbare informatie is het team veel slechter begonnen dan verwacht, heeft het in de eerste drie races niet mee kunnen doen in de voorste regionen en is het afgezakt naar gevechten achterin. De AMR26 wordt omschreven als een zwak totaalpakket dat tot nu toe pas één keer de finish heeft gehaald.

Een deel van dat probleem ligt bij Honda. De krachtbron kampt volgens de samenvattingen met terugkerende vibraties, misfires en operationele beperkingen, waardoor niet alleen prestaties verloren gaan maar ook consistente ontwikkeling wordt ondermijnd. Tegelijk heeft Aston Martin meer dan eens erkend dat het zelf ook verantwoordelijkheid draagt. Naast de motor zijn ook het chassis en de aerodynamica tekortgeschoten, waardoor de problemen niet tot één oorzaak te herleiden zijn.

Dat maakt Alonso’s toekomst ingewikkelder. Pedro de la Rosa, Aston Martin-teamambassadeur en vriend van Alonso, zei dat de Spanjaard zijn beslissing over 2027 pas in de zomerpauze wil nemen, wanneer het seizoen halverwege is en de situatie “in alle opzichten” duidelijker is. De la Rosa maakte ook duidelijk dat Aston Martin hem graag wil behouden. “Dat is de wens van iedereen”, zei hij over een langer verblijf van Alonso, al voegde hij eraan toe dat de uiteindelijke keuze bij de coureur zelf ligt.

Volgens De la Rosa is Alonso’s motivatie in elk geval onaangetast. “Ik zie hem supergemotiveerd”, zei hij. “Met enorm veel zin en ik denk dat zijn persoonlijke leven nooit invloed heeft gehad op zijn prestaties op de baan. Fernando leeft voor en door de autosport.” Hij koppelde een langer verblijf wel direct aan wat het team kan leveren: “Wij moeten hem de best mogelijke auto geven zodat zijn beslissing makkelijker wordt.”

Precies daar zit op dit moment het grootste probleem voor Aston Martin. De la Rosa zei dat de samenwerking met Honda stevig is, ondanks de moeilijke situatie. “Ik moet zeggen dat we heel goed samenwerken met Honda. En hoewel geen van beide partijen tevreden is over waar we staan, wordt er als team op een zeer solide manier gewerkt.” De focus ligt volgens hem op het zoveel mogelijk beperken van de vibraties en op het verbeteren van de betrouwbaarheid, zodat beide coureurs zonder problemen de finish kunnen halen. Hij zei ook dat Aston Martin het probleem het liefst al “in de volgende race” wil oplossen.

De sportieve context maakt die opgave zwaar. Mercedes heeft vroeg in deze cyclus volgens de samenvattingen al een duidelijke voorsprong opgebouwd, terwijl Ferrari en McLaren nog enigszins kunnen volgen. Zelfs in het middenveld hebben Haas, Alpine en Racing Bulls bemoedigende signalen afgegeven. Voor Aston Martin betekent dat dat een kleine verbetering niet genoeg zal zijn. Het team moet grotere stappen zetten dan zijn rivalen, en juist dat heeft het tot nu toe nog niet laten zien.

Voor Alonso verandert daardoor weinig aan zijn eigen gevoel, maar veel aan de omstandigheden waarin hij zijn toekomst moet beoordelen. Zolang hij zich competitief en gemotiveerd voelt, blijft een afscheid uit zicht. Of hij daar na 2026 nog een vervolg aan geeft, zal in belangrijke mate afhangen van de vraag of Aston Martin zijn motor-, chassis- en aeroproblemen snel genoeg kan keren om hem weer een geloofwaardig project voor 2027 te bieden.