© Liauzh

Aston Martin zet Crawford in voor FP1 in Oostenrijk

Aston Martin heeft bevestigd dat derde rijder Jak Crawford Lance Stroll vervangt in de eerste vrije training voor de Grand Prix van Oostenrijk, waarbij hij de AMR26 de eerste 60 minuten op de Red Bull Ring overneemt.

De sessie is meer dan een standaard rookie-optreden. Voor Crawford wordt het zijn vierde FP1-optreden voor Aston Martin en zijn tweede van het seizoen 2026, nadat hij in maart in Suzuka al in actie kwam als vervanger van Fernando Alonso. Met zijn inzet in Oostenrijk werkt Aston Martin tegelijk de helft af van de vier verplichte rookie-sessies die teams dit jaar moeten rijden.

Volgens de Formule 1-regels moet elke vaste coureur zijn auto twee keer in het seizoen afstaan aan een jonge rijder die aan niet meer dan twee grands prix heeft deelgenomen. Door Crawford nu in de auto van Stroll te zetten, komt Aston Martin op twee van de vier verplichte sessies. Zowel Stroll als Alonso moet later dit seizoen nog een keer een FP1 afstaan.

Crawford begint aan die training met recente kilometers in de 2026-auto. Hij werkte eerder deze week een Pirelli-bandentest af in Barcelona en heeft volgens het team dit seizoen ook veel simulatorwerk verricht.

Jak Crawford zei in een verklaring van Aston Martin dat hij blij is met een nieuwe kans in de AMR26 tijdens een raceweekend. “Oostenrijk is een circuit dat ik goed ken en het is heel bijzonder om met het team terug te keren naar de Red Bull Ring, bijna twee jaar na mijn eerste test in een Aston Martin F1-auto”, zei hij. “Elke kans in een Formule 1-auto is waardevol en ik zal me richten op het geven van nuttige feedback en het maximaliseren van de sessie voor het team.”

Mike Krack, chief trackside officer van Aston Martin, noemde de training opnieuw een belangrijke stap in Crawfords ontwikkeling. “Jak blijft een belangrijke rol spelen als derde rijder en deze FP1-sessie is opnieuw een waardevolle stap in dat proces”, zei Krack. Volgens hem biedt Oostenrijk “nog een kans om zijn progressie in een raceweekendomgeving te evalueren en tegelijk waardevolle data voor het team te verzamelen”.