Kimi Antonelli verloor op Silverstone door een technisch probleem kostbare punten en zag zijn voorsprong op George Russell teruglopen tot 25 punten, maar binnen en buiten Mercedes blijft juist hij de duidelijke maatstaf in de titelstrijd van 2026.
Na negen races heeft Antonelli vijf Grands Prix gewonnen en ook de Sprint op Silverstone op zijn naam geschreven. Zijn voorsprong in het kampioenschap was na Monaco nog 66 punten, maar viel terug door uitval vanuit tweede positie in Barcelona en door zijn pech in Groot-Brittannië, waar hij op weg leek naar opnieuw een hoofdrol. Toch verandert dat volgens Mercedes-teambaas Toto Wolff weinig aan het grotere beeld.
Wolff zei in gesprek met Gazzetta dello Sport dat Antonelli “op dit moment onze stoutste verwachtingen overtreft”, maar waarschuwde tegelijk voor te veel hysterie. “We kunnen hem niet vergelijken met Ayrton Senna, die drie wereldtitels won en een van de meest iconische coureurs aller tijden is. Kimi heeft nu vijf races gewonnen, laten we hem rustig laten groeien.”
Juist Silverstone liet zien waarom Antonelli ondanks zijn mislukte eindresultaat nog steeds als titelfavoriet wordt gezien. De Mercedes-rookie pakte poleposition, verloor in de openingsronde plaatsen aan de Ferrari's van Charles Leclerc en Lewis Hamilton, maar vocht zich daarna terug in de strijd om de overwinning. Terwijl hij Leclerc opjoeg, raakte hij de linkervoorste wheel deflector van zijn W17 kwijt na contact met een kerb onder een ongelukkige hoek. Mercedes haalde hem binnen om het losgeraakte deel te verwijderen, waarna zijn race veranderde in een poging om nog punten te redden.
Met de beschadigde auto ging Antonelli vervolgens meerdere keren buiten de baanlimieten, wat hem een tijdstraf van vijf seconden opleverde. De stewards accepteerden zijn uitleg over het gedrag van de auto niet als geldige reden, waardoor hij uiteindelijk als zestiende werd geklasseerd.
Dat Russell daarvan profiteerde met een tweede plaats, heeft de aandacht na afloop niet weggenomen van de interne verhoudingen bij Mercedes. Volgens oud-coureurs en oud-teambazen ligt de druk eerder bij Russell, omdat Antonelli dit seizoen structureel meer snelheid en meer controle laat zien.
Guenther Steiner, voormalig Haas-teambaas, zei na de Britse Grand Prix dat Antonelli ondanks de kleinere marge nog altijd de uitgesproken favoriet voor de wereldtitel is. Vooral zijn optreden in de Sprint maakte indruk. “Voor mij is Kimi op dit moment gewoon ongelooflijk. Wat hij doet is indrukwekkend. In de Sprint stond hij niet op pole, maar hij wachtte. Hij wist dat hij Lewis zou passeren. Hij wist precies wat hij deed.” Steiner wees erop dat Antonelli niet geforceerd aanviel, maar geduldig achter Hamilton bleef totdat het moment daar was, om daarna ook later op zaterdag pole te pakken.
David Coulthard zei op de Up To Speed-podcast dat Russell het gevoel zal hebben dat hij “goed is weggekomen dit weekend”. Volgens Coulthard weet Russell zelf ook dat er geluk bij kwam kijken en dat Antonelli, wanneer beide Mercedessen normaal functioneren, op dit moment vaak meer uit de auto haalt.
Juan Pablo Montoya vindt dat Russell daarom minder naar zijn teamgenoot moet kijken en meer naar zichzelf. Volgens hem moet Russell begrijpen waarom hij niet hetzelfde uit de Mercedes krijgt en hoe hij de auto zo kan afstellen dat die beter aansluit bij zijn rijstijl, als hij echt om de titel wil vechten.
Mark Webber legde op F1 TV de nadruk op een ander probleemgebied: de kwalificatie. Hij noemde Russell in staat tot grote ronden, maar stelde dat Antonelli over een reeks ronden simpelweg sterker is. Volgens Webber is het juist die constante snelheid die Russell moet vinden, omdat hij pas daarna vanuit een betere startpositie races naar zijn hand kan zetten.
Zo is de opvallendste uitkomst van Silverstone niet alleen dat Antonelli punten verloor, maar dat zijn status als te kloppen man overeind bleef. Met nog altijd 25 punten voorsprong en vijf zeges in negen races bepaalt hij ondanks zijn uitglijder nog steeds de richting van het kampioenschap, terwijl Russell juist moet bewijzen dat hij het niveau van zijn rookie-teamgenoot duurzaam kan beantwoorden.
© Jonathan Borba