James Vowles zegt dat de vooruitgang van Williams sinds Miami het bewijs is dat het team niet langer “het Williams van vroeger” is, en dat die ommekeer cruciaal is om het vertrouwen van zowel de raad van bestuur als de coureurs vast te houden na een zwakke start van 2026.
Na een winter die oude twijfels over Williams weer aanwakkerde, gebruikt de teambaas juist de reactie van het team als zijn belangrijkste argument. De FW48 begon het jaar met een fors overgewicht van ongeveer 28 kilo, later teruggebracht naar 24, terwijl Williams van de vijfde plaats bij de constructeurs van vorig seizoen was teruggevallen naar de achtste plek met slechts zeven punten. In die context kreeg de geloofwaardigheid van het project onder Vowles opnieuw druk.
Vowles maakte duidelijk dat de recente stap voorwaarts voor hem verder gaat dan alleen de uitslagen. De Williams-teambaas zei dat het “heel belangrijk” is voor hem en zijn bestuur om te laten zien dat dit niet meer het oude Williams is. “Na een moeilijke winter zouden we vroeger gewoon achterop zijn geraakt”, stelde hij. “Ik wil laten zien dat we het vermogen hebben om terug te slaan en de prestaties in een hoog tempo te verbeteren; dat is wat we op dit moment doen.”
Volgens Vowles begon die reactie in Miami en zette die zich door in Canada. In een videoboodschap via de officiële kanalen van Williams zei hij dat het “geweldig” was om te zien dat het team in Miami en Canada met succes performance aan de auto had toegevoegd. Dat betekende niet dat het weekend in Montreal vlekkeloos verliep. Carlos Sainz eindigde als negende, maar Vowles erkende dat Williams “niet alles goed heeft gedaan” en dat er bij Sainz beslissingen waren die het team achteraf anders zou hebben genomen.
Toch zag Williams Canada intern als een sterker weekend dan de uitslag alleen liet zien. Alexander Albon had volgens Vowles “absoluut een auto voor de punten” voordat hij buiten zijn schuld uitviel na een aanrijding met Oscar Piastri. Juist dat contrast, meer potentieel dan het resultaat toont, voedt binnen het team het idee dat de lijn omhoog echt is.
Die reactie bleef niet beperkt tot de baan. Na de winterproblemen versterkte Williams zijn structuur met vier ervaren aanstellingen. Piers Thynne kwam over van McLaren als director of optimisation and planning, Claire Simpson werd head of aerodynamic development, Fred Judd performance optimization lead en Steve Booth vehicle engineering director. Eerder had Sainz al positief gereageerd op die aanpak. De Spanjaard zei in Canada dat het na de winterproblemen duidelijk werd dat Williams op meerdere gebieden nog niet op het vereiste niveau zat, maar dat het team “zeer snel maatregelen” nam en enkele sleutelpersonen aantrok. Over Thynne zei hij dat hij hem nog kende van McLaren en verwacht dat hij “van grote hulp” zal zijn in de productielijn en op operationeel vlak.
Voor Vowles is dat precies waar de zaak om draait richting de toekomst van zijn rijders. Hij zei dat coureurs niet bij Williams zitten om tevreden te zijn met alleen Q3-plaatsen, maar om te zien dat het team over de faciliteiten beschikt om problemen op te lossen wanneer die ontstaan. “Ik denk dat we op de goede weg zijn, maar we hebben nog niet genoeg gedaan”, zei hij.
Daarmee koppelt Williams de sportieve opleving direct aan de stabiliteit van zijn line-up. Volgens het Motorsport.com-rapport blijven Sainz en Alex Albon naar verwachting tot en met 2027 bij het team. Vowles wees geruchten over hun toekomst van de hand met een simpele boodschap: spreek met Alex, spreek met Carlos, “zij willen deel uitmaken van deze reis”. Zijn taak, zei hij, is ervoor te zorgen dat ze dat ook willen blijven, wat van deze recente ommekeer meer maakt dan alleen een paar betere weekends.
© Eterna