© Liauzh

Alonso laatste, Aston Martin-crisis pijnlijk bloot

Fernando Alonso start de Grand Prix van Spanje vanaf de laatste plaats nadat hij in Barcelona als 22e kwalificeerde, voor het eerst in zijn Formule 1-loopbaan zonder straffen achteraan op de grid, terwijl Aston Martin met Lance Stroll op P21 de volledige achterste startrij bezette.

Stroll was slechts 0,057 seconde sneller dan zijn teamgenoot, maar dat kleine verschil was genoeg om een opvallende reeks te beëindigen. Alonso had Stroll in 42 opeenvolgende grand prix-kwalificaties op zaterdag verslagen sinds Silverstone 2024. In zijn thuisrace kreeg die statistiek ineens een veel hardere lading, omdat het resultaat vooral liet zien hoe diep Aston Martin met de AMR26 is weggezakt.

Alonso maakte na afloop duidelijk dat het probleem veel groter was dan één mislukte ronde. De Spanjaard zei dat Aston Martin "de slechtste auto en de slechtste motor" heeft. Over zijn specifieke problemen in de kwalificatie zei hij dat het ergste bij de versnellingsbak lag: in sommige bochten voelde het "alsof ik de handrem erop had staan". Ook sprak hij van problemen bij het terugschakelen, waardoor de auto "heel moeilijk te besturen" was.

Daarmee sloot Alonso aan bij het bredere beeld binnen het team. Mike Krack, teambaas van Aston Martin, zei dat het resultaat in lijn lag met wat het team al verwachtte, omdat dit circuit het echte tempo van de AMR26 genadeloos zou blootleggen. Volgens Krack haalden zowel de coureurs als het team alles uit de auto, maar moest Aston Martin accepteren dat dit op dit moment zijn werkelijke positie is.

Stroll schetste dezelfde tekortkomingen vanuit de cockpit. Hij zei dat Aston Martin in Barcelona nog altijd worstelde met de bestuurbaarheid, te weinig neerwaartse druk had en ook het vermogen miste dat op dit circuit nodig is. Alonso noemde het daarom geen verrassing dat hij achteraan stond, omdat dit volgens hem simpelweg het huidige prestatieniveau van de auto is.

Dat maakt de schade groter dan een verloren intern duel. Meerdere berichten rond de sessie benadrukten dat de twee Aston Martins ongeveer een seconde langzamer waren dan de Cadillacs op de rij ervoor, met Sergio Perez en Valtteri Bottas comfortabel op P19 en P20. Voor een fabrieksteam dat op vooruitgang hoopte, was Barcelona juist het weekend waarin de zwakte van de AMR26 volledig zichtbaar werd.

Alonso ziet op korte termijn ook weinig verlichting. Hij zei dat het team wacht op een nieuwe auto en een nieuw motorpakket later in het seizoen, en waarschuwde zelfs dat Aston Martin "ook in Oostenrijk over twee weken laatste zal zijn in de kwalificatie" als er niets verandert.