© fuji.tim

Adrian Newey en Jaguars mislukte coup van 2001

Jaguar Racing meldde op 1 juni 2001 om 8.30 uur per fax dat Adrian Newey vanaf eind juli 2003 van McLaren zou overstappen, maar die triomfantelijke aankondiging viel binnen enkele uren uiteen toen McLaren verklaarde dat Newey helemaal niet vertrok en de ontwerper later zei dat hij Jaguar al vóór publicatie had laten weten van gedachten te zijn veranderd.

Het was precies die draai die de zaak zo explosief maakte. Jaguar presenteerde de komst van Newey als een grote slag op de transfermarkt, met steunbetuigingen van Jaguar Racing-CEO Bobby Rahal en Ford Premier Performance Division-CEO Niki Lauda. Newey zelf werd in dat persbericht ook geciteerd. Hij noemde het “geen gemakkelijke beslissing” en zei dat de kans om weer met zijn goede vriend Rahal te werken en de uitdaging bij Jaguar “onweerstaanbaar” hadden gemaakt.

McLaren sloeg nog diezelfde middag terug met een eigen persbericht. Daarin stelde het team dat Newey niet zou vertrekken en juist een contractverlenging tot augustus 2005 had getekend. Daarmee veranderde Jaguars vermeende topdeal direct in een open contractoorlog, waarin beide partijen volhielden dat zij Neweys handtekening hadden en de zaak uitmondde in een reeks juridische stappen over en weer.

Rahal hield daarbij publiekelijk vast aan Jaguars positie. Bobby Rahal, toen Jaguar Racing-CEO, zei over de overeenkomst: “Het is een contract en zo simpel is het.” Volgens hem probeerde McLaren de indruk te wekken dat het ene document zwaarder woog dan het andere, “maar dat is niet zo”.

De meest ontwrichtende verklaring kwam op 10 juni, op racedag van de Grand Prix van Canada. In een teamverklaring van McLaren zei Adrian Newey dat hij al kort na zijn akkoord met Jaguar had ingezien dat een overstap niet de juiste weg voor hem was. Hij stelde ook dat hij met Jaguar had afgesproken dat er vóór vrijdagochtend 8.30 uur niets naar buiten zou komen, en dat Jaguar ermee had ingestemd het persbericht tegen te houden nadat hij had laten weten toch niet te willen gaan. “Op dat moment waren slechts een paar mensen erbij betrokken,” zei hij. “Desondanks lijkt het erop dat ze ervoor hebben gekozen het persbericht toch uit te geven.”

Dat maakte van de affaire meer dan een juridisch meningsverschil. Jaguar had publiekelijk een coup geclaimd, terwijl Newey achteraf stelde dat hij die overstap intern al had teruggedraaid. Juist daardoor werd de strijd niet alleen een gevecht over contracten, maar ook over wie de controle had over het verhaal.

De achtergrond lag voor een deel bij McLaren, waar Neweys verhouding met Ron Dennis verslechterd was. McLaren kwam uit een lastig 2000, waarin het zowel de coureurs- als constructeurstitel verloor en ook naast de baan een politieke nederlaag leed tegen Ferrari rond het verbod op aluminium-berylliumpistons. In zijn autobiografie schreef Newey later dat Dennis van zijn medewerkers “onvoorwaardelijke, onsterfelijke loyaliteit” verwachtte. Na een gesprek in augustus 2000, bij het zwembad van Dennis’ huis in Zuid-Frankrijk, was hun relatie volgens Newey “nooit meer hetzelfde”.

Toch was onvrede bij McLaren niet genoeg om de overstap definitief te maken. Naarmate de zaak verder escaleerde, werd voor Newey ook de situatie bij Jaguar zelf een probleem. Volgens zijn latere uitleg was hij vooral geïnteresseerd in Jaguar vanwege zijn relatie met Rahal, maar wilde hij niet terechtkomen als pion in een door Ford gesteunde machtsstrijd binnen het team. Dat noemde hij “een groot carrièrerisico”. Die vrees kreeg extra gewicht doordat de machtsstrijd tussen Rahal en Lauda in 2001 verder opliep en Rahal nog voor het einde van het seizoen vertrok.

Ook de voorwaarden veranderden intussen. Volgens de samenvattingen had Newey bij McLaren aanvankelijk een nieuw voorstel gekregen dat neerkwam op salarisverlaging, waarna Rahal hem benaderde met een aanbod van tweeënhalf keer zijn McLaren-loon, later gemeld als 3,5 miljoen pond per jaar. Ron Dennis zou die financiële voorwaarden uiteindelijk hebben gematcht en bovendien een clausule hebben toegestaan waarmee Newey zich later deels op de America’s Cup kon richten.

Daarmee bleef Newey uiteindelijk bij McLaren tot 2005, maar de affaire was daarmee niet echt opgelost. De mislukte Jaguar-deal liet zien hoe ver de verhouding met McLaren al was verslechterd en hoe riskant Jaguar als bestemming was geworden. Newey bleef wel in Woking, alleen was de crisis van juni 2001 een breukpunt dat de relatie met zijn team blijvend veranderde.