Aston Martin schuift de schuld voor zijn zwakke seizoensstart met Honda niet op de afstand tussen Silverstone en Sakura, maar op een bredere combinatie van technische en organisatorische problemen.
Terwijl het team achteraan het veld bungelt en volgens Pedro de la Rosa ongeveer vier seconden per ronde tekortkomt, ontkende de Aston Martin-teamambassadeur dat de 9.000 tot 9.500 kilometer tussen de Britse fabriek en Honda’s basis in Japan de hoofdreden is voor het prestatietekort. “Ik denk niet dat we naar dit soort details moeten kijken om de reden te vinden waarom we niet competitief zijn, want het heeft in het verleden gewerkt”, zei De la Rosa tegen Sky F1 en Sky Sports.
Dat is een belangrijk punt voor een combinatie die dit jaar aan een nieuw tijdperk is begonnen. Honda is sinds de invoering van de nieuwe technische reglementen de motorleverancier van Aston Martin, maar de start van die samenwerking verloopt moeizaam. De krachtbron heeft volgens de beschikbare informatie voor flinke vibraties gezorgd, wat de coureurs hinderde, en bleek ook onbetrouwbaar. Samen met een tegenvallend chassis heeft dat de auto naar de achterkant van de grid gedrukt.
De la Rosa erkende wel dat de huidige opzet niet ideaal is. “Veel van onze mensen werken nauw samen met Honda. Idealiter zouden ze in Silverstone zijn, dat zou beter zijn, dichter bij ons”, zei hij. Maar volgens hem verklaart dat niet waarom de auto zo ver van de top staat. “Ze zitten in Japan, en het heeft eerder gewerkt. Ze zijn wereldkampioen geworden [met Red Bull]. Ze wonnen vier wereldtitels terwijl ze vanuit Sakura werkten.”
Daarmee wees hij juist naar Honda’s eerdere succes als bewijs dat afstand op zichzelf geen doorslaggevende factor hoeft te zijn. De hoofdontwikkeling van de power unit vindt plaats in Sakura, met een tijdsverschil van ongeveer acht uur ten opzichte van Silverstone, maar De la Rosa stelde dat een team dat structureel zo veel verliest zijn problemen niet tot één logistieke verklaring kan reduceren.
Zijn boodschap was dat Aston Martin’s tekort over meerdere fronten loopt: de motor, het chassis en de manier waarop de samenwerking in de praktijk functioneert. In plaats van de geografie als excuus te gebruiken, legde hij de nadruk op het bouwen van een hechtere en meer homogene werkwijze met Honda.
“Wij moeten er gewoon voor zorgen dat we Honda alle tijd geven die nodig is, en het hele team om hen te steunen en als één geheel te werken”, zei De la Rosa. “Dat is het proces waarin we nu zitten.”
Voor Aston Martin betekent dat dat de route uit de crisis minder afhangt van de kaart en meer van hoe snel het de nieuwe Honda-relatie technisch en operationeel kan laten functioneren als één geheel.
© Spencer